Logo regiozakenwaterland.nl
(Miep Boerkamp. (Foto: Els Broers))

“De theaterwereld moet weer opnieuw worden opgebouwd”

Theater de Purmaryn zonder Miep Boerkamp is bijna niet voor te stellen. Dertig jaar lang drukte de sympathieke directeur/programmeur haar stempel op het gevarieerde aanbod met een altijd onderzoekend oog naar wat de inwoners van Purmerend zou raken en vermaken. Op 10 september ging ze met pensioen. Het is een wrang moment daarvoor. De Red Alert op de gevel onlangs was niet voor niets. “Ik zou een goed draaiend theater overdragen maar nu weet ik niet meer wat ik overdraag. Heel theaterland is in de war en in rep en roer. Zoals theater en improvisatie samengaan, zo is het laatste half jaar wel de grootste improvisatie ooit voor mij geweest.”

Dertig jaar geleden, De Purmaryn was pas twee maanden open, kwam Miep Boerkamp binnen als programmeur/publiciteitsmedewerker. In 2005 werd ze tevens directeur. Purmerend, met destijds al 58.000 inwoners was helemaal klaar voor een theater, alleen het publiek moest nog worden geduid. Daar lag haar taak. “Elke stad is anders”, vertelt ze. “Ik vergelijk het wel eens met een supermarkt. In Amsterdam heb je veel speciaalzaken, maar wij zijn de echte verzamelsupermarkt waarin je jezelf afvraagt; hoeveel biologische producten kunnen we verkopen? Wat slaat aan? Het is dus een zoektocht.”

Thuis van iedereen

Daarbij ging ze deels af op haar intuïtie maar daarnaast dook ze in de cijfers. “De bevolkingssamenstelling, het opleidingsniveau, daar kom je al ver mee. Maar ook wil je een goede mix brengen en voor ieder wat wils. Wanneer je verliest op de ene soort voorstelling maak je winst op de andere. Dat moet je waanzinnig goed in de gaten houden. Wat helpt is een goede relatie met de impresario’s. Dat zijn in principe onze leveranciers, en, zoals in het bedrijfsleven, is een vertrouwensrelatie daarbij belangrijk.”

Samenwerking

Een andere belangrijke stap die ze zette was van aanvang af samenwerking te zoeken met andere culturele instellingen in de stad, en daarnaast De Purmaryn open te stellen voor de amateurgezelschappen. “Dat laatste hoorde ook bij mijn opdracht. Door het verenigingsleven een podium te geven hadden we een goed anker in de stad. Dat is zeker één van de succesfactoren van De Purmaryn. De amateurgezelschappen en de verenigingen hebben altijd voorrang in de programmering. En daarmee betrek je ook de hele stad bij het theater. Het wordt het thuis van iedereen.”

Al snel was er ook een grote stichting ‘Vrienden van’ met direct al zo’n vijftig bedrijven die zich daarbij aansloten. “Ook het bedrijfsleven heeft namelijk belang bij een theater”, geeft Miep aan. “Voor veel mensen en bedrijven zijn de voorzieningen, waaronder een theater, in een stad een belangrijke afweging om je in een bepaalde stad te vestigen. Zo heb ik het ook altijd gevoeld. Bovendien is De Purmaryn ook politiek gezien altijd goed gedragen met alle ondersteuning van dien, het is nog steeds een gemeentelijk theater.”

Dit alles leidde tot een bloeiend en groeiend theater. Het aantal professionele voorstellingen, bij aanvang 100, verdubbelde en het aantal bezoekers groeide van 25.000 naar 75.000 per jaar. Een aardig succesverhaal. En dan dit. In december had ze de hele programmering tot in 2021 al klaar, juist om dit jaar tijd te hebben alles goed af te sluiten en over te dragen. In plaats daarvan moest ze weer helemaal opnieuw beginnen met programmeren en een coronaproof theater opzetten.

Blijf doen wat je doet

Het doet haar verdriet. “Het zal lang duren voor alles weer is opgebouwd. We starten nu dan weliswaar weer enigszins op, maar de manier waarop kost heel veel geld. Dicht blijven is goedkoper. Maar de gemeente Purmerend heeft naar alle culturele instellingen gezegd; blijf doen wat je doet en probeer het overeind te houden. Er is wel een noodfonds van de overheid voor 2020 maar nog onduidelijk wat dat voor De Purmaryn gaat betekenen. En het is natuurlijk nog onzeker hoe alles zich gaat ontwikkelen en wat de economische gevolgen zullen zijn.”

“Het is zorgwekkend: wat blijft er overeind en hoe krijg je dat weer aan de gang?”, vervolgt ze. “Als de impresario’s omvallen, degenen die nieuwe dingen maken, verandert de theaterwereld enorm. Kunnen bedrijven straks nog wel steunen? En ook de amateurverenigingen hebben het moeilijk, komen die er wel bovenop?” Haar opvolger Tommie van Eck zal er een aardige kluif aan hebben. Ze vreest voor haar collega’s, en ook voor de artiesten, die in dit verhaal toch de grootste verliezers zijn. En ze hoopt er het beste van. “Het is koffiedik kijken natuurlijk. Maar de functie van het theater blijft gelukkig behouden. Ik heb zelf veel moois in die dertig jaar om op terug te kijken en ik zal de ontwikkelingen vanaf nu op gepaste afstand maar met grote belangstelling blijven volgen.”

Meer berichten